Eugène Brands (Amsterdam, 1913 - Amsterdam, 2002) wordt vaak in één adem met de CoBrA-beweging genoemd. Toch behoorde hij maar kort tot deze beweging. Na de roemruchte gezamenlijke tentoonstelling in het Stedelijk Museum te Amsterdam, in november 1949, nam hij reeds afscheid van CoBrA. Met zijn zeer persoonlijke opvattingen over de schilderkunst was Eugène Brands nu eenmaal veel meer een solist – en is dat ook altijd gebleven. Hij was zeer geïnteresseerd in primitieve culturen, waarvan vooral de muziek hem aansprak. Veel van de magische elementen van deze culturen probeerde hij tot uitdrukking te brengen in zijn werk, dat overigens ook lange tijd, in de jaren vijftig, werd gekenmerkt door zijn fascinatie voor kindertekeningen. Jarenlang liet hij zich erdoor inspireren, met prachtige kleine schilderijen - meestal olie op papier – als resultaat. In de jaren zestig verruilde Brands langzamerhand de figuratie weer voor de abstractie. Hij begon grote kleurvlakken te schilderen 'van een ondoordringbare wattige substantie', zoals CoBrA-historica Willemijn Stokvis schrijft. Dat deed hij tot op hoge leeftijd, zij het dat hij zich vanaf 1993 concentreerde op het maken van gouaches op papier.